Zoeken
bekommen
01
ontvangen, krijgen
Etwas empfangen oder erhalten
Voorbeelden
Hast du meine Nachricht bekommen?
Heb je mijn bericht ontvangen?
02
kopen, verkrijgen
Etwas kaufen
Voorbeelden
Ich habe ein günstiges Handy bekommen.
Ik heb een goedkope telefoon gekregen.
03
eten
Eine Mahlzeit zu sich nehmen
Voorbeelden
Ich habe einen Kaffee bekommen.
Ik heb een koffie gekregen.
04
krijgen, ontvangen
In einen Zustand geraten
Voorbeelden
Ich habe Fieber bekommen.
Ik heb koorts gekregen.
05
bezoek ontvangen, gasten hebben
Besuch erhalten
Voorbeelden
Sie bekommt morgen ihre Eltern.
Ze ontvangt haar ouders morgen.
06
laten doen, overhalen
Jemanden zu etwas veranlassen
Voorbeelden
Wie bekommst du sie zum Lachen?
Hoe krijg je haar aan het lachen?


























