Zoeken
Selecteer de woordenboektaal
behaupten
01
zich bewijzen
Sich durchsetzen oder erfolgreich bleiben, besonders trotz Schwierigkeiten oder Konkurrenz
grammaticale informatie
morfologische samenstelling
frasal
actiewerkwoord
regelmatig
onscheidbaar
partikel
be
basiswerkwoord
haupten
hulpwerkwoord
haben
1e persoon enkelvoud
behaupte
3e persoon enkelvoud
behauptet
onvoltooid deelwoord
behauptend
onvoltooid verleden tijd
behauptete
voltooid deelwoord
behauptet
Voorbeelden
Sie konnte sich gegen die starke Konkurrenz behaupten.
Ze kon zich handhaven tegen de sterke concurrentie.
02
beweren, stellen
Etwas sagen und dabei überzeugt sein, dass es stimmt
Voorbeelden
Er behauptet, die Wahrheit zu sagen.
Hij beweert de waarheid te spreken.



























