Zoeken
Selecteer de woordenboektaal
behandeln
01
behandelen, verzorgen
Einen Kranken medizinisch versorgen
grammaticale informatie
morfologische samenstelling
frasal
actiewerkwoord
regelmatig
onscheidbaar
partikel
be
basiswerkwoord
handeln
hulpwerkwoord
haben
1e persoon enkelvoud
behandle
3e persoon enkelvoud
behandelt
onvoltooid deelwoord
behandelnd
onvoltooid verleden tijd
behandelte
voltooid deelwoord
behandelt
Voorbeelden
Der Arzt behandelt viele Patienten.
De arts behandelt veel patiënten.
02
behandelen, omgaan met
Mit jemandem auf eine bestimmte Weise umgehen
Voorbeelden
Sie behandelt alle mit Respekt.
Ze behandelt iedereen met respect.



























