beginnen
Pronunciation
/bəˈɡɪnən/

Definitie en betekenis van "beginnen"in het Duits

beginnen
[past form: begann]
01

beginnen, starten

Etwas fängt an oder man startet etwas
beginnen definition and meaning
grammaticale informatie
morfologische samenstelling
afgeleid
actiewerkwoord
onregelmatig
hulpwerkwoord
haben
1e persoon enkelvoud
beginne
3e persoon enkelvoud
beginnt
onvoltooid deelwoord
beginnend
onvoltooid verleden tijd
begann
voltooid deelwoord
begonnen
Voorbeelden
Ich beginne heute mit dem Kurs.
Vandaag begin ik met de cursus.
LanGeek
Download de App
langeek application

Download Mobile App

App Store