ausdrücken
ausdrücken
aʊ̯sdʁʏkng
awsdrukng
aufrückenausdruckenaufdrücken

Definitie en betekenis van "ausdrücken"in het Duits

ausdrücken
01

uitdrukken

Etwas in Worte fassen oder mitteilen 
ausdrücken definition and meaning
grammaticale informatie
morfologische samenstelling
frasal
actiewerkwoord
regelmatig
scheidbaar
partikel
aus
basiswerkwoord
drücken
hulpwerkwoord
haben
1e persoon enkelvoud
drücke aus
3e persoon enkelvoud
drückt aus
onvoltooid deelwoord
ausdrückend
onvoltooid verleden tijd
drückte aus
voltooid deelwoord
ausgedrückt
Voorbeelden
Ich möchte Ihnen meine Anerkennung ausdrücken. 

Ik zou u mijn waardering willen uiten.

02

uitdrukken

Sagen oder zeigen, was man meint oder fühlt 
ausdrücken definition and meaning
Voorbeelden
Er kann sich schriftlich besser ausdrücken als mündlich. 

Hij kan zich beter schriftelijk dan mondeling uitdrukken.

03

uitdrukken

Gefühle oder Gedanken nonverbal oder indirekt zeigen 
ausdrücken definition and meaning
Voorbeelden
Seine Augen drücken Traurigkeit aus. 

Zijn ogen drukken verdriet uit.

LanGeek
Download de App
langeek application

Download Mobile App

App Store