Zoeken
Selecteer de woordenboektaal
anstoßen
01
proosten, de glazen klinken
Mit Gläsern zueinander klirren, um auf etwas zu trinken
grammaticale informatie
morfologische samenstelling
frasal
actiewerkwoord
sterk
scheidbaar
partikel
an
basiswerkwoord
stoßen
hulpwerkwoord
haben
1e persoon enkelvoud
stoße an
3e persoon enkelvoud
stößt an
onvoltooid deelwoord
anstoßend
onvoltooid verleden tijd
stieß an
voltooid deelwoord
angestoßen
Voorbeelden
Beim Geburtstag haben alle mit den Gläsern angestoßen.
Op de verjaardag hebben allemaal met de glazen geproost.



























