anmachen
Pronunciation
/ˈanˌmaχən/

Definitie en betekenis van "anmachen"in het Duits

anmachen
01

aanzetten, inschakelen

Etwas einschalten, damit es funktioniert oder leuchtet
grammaticale informatie
morfologische samenstelling
frasal
actiewerkwoord
regelmatig
scheidbaar
partikel
an
basiswerkwoord
machen
hulpwerkwoord
haben
1e persoon enkelvoud
mache an
3e persoon enkelvoud
macht an
onvoltooid deelwoord
anmachend
onvoltooid verleden tijd
machte an
voltooid deelwoord
angemacht
Voorbeelden
Er macht die Heizung an.
Hij zet de verwarming aan.
LanGeek
Download de App
langeek application

Download Mobile App

App Store