Zoeken
Selecteer de woordenboektaal
amüsieren
[past form: amüsierte]
01
zich amuseren, zich vermaken
Sich mit etwas beschäftigen, das Freude und Vergnügen bringt
grammaticale informatie
morfologische samenstelling
afgeleid
toestandswerkwoord
regelmatig
hulpwerkwoord
haben
1e persoon enkelvoud
amüsiere
3e persoon enkelvoud
amüsiert
onvoltooid deelwoord
amüsierend
onvoltooid verleden tijd
amüsierte
voltooid deelwoord
amüsiert
Voorbeelden
Am Wochenende will ich mich entspannen und amüsieren.
In het weekend wil ik ontspannen en me vermaken.



























