adressieren
ad
ad
ad
re
ʁɛ
re
ssie
ˈsi:
si
ren
ʁən
rēn

Definitie en betekenis van "adressieren"in het Duits

adressieren
01

adresseren, richten

Eine Adresse auf einen Brief oder ein Paket schreiben 
adressieren definition and meaning
grammaticale informatie
morfologische samenstelling
afgeleid
actiewerkwoord
regelmatig
hulpwerkwoord
haben
1e persoon enkelvoud
adressiere
3e persoon enkelvoud
adressiert
onvoltooid deelwoord
adressierend
onvoltooid verleden tijd
adressierte
voltooid deelwoord
adressiert
Voorbeelden
Er adressiert alle Einladungen selbst. 

Hij adresseert alle uitnodigingen zelf.

LanGeek
Download de App
langeek application

Download Mobile App

App Store