abholen
Pronunciation
/ˈaphoːlən/

Definitie en betekenis van "abholen"in het Duits

abholen
01

ophalen, gaan halen

Zu einem Ort gehen oder fahren, um eine Person mitzunehmen
abholen definition and meaning
example
Voorbeelden
Er holt seine Mutter vom Flughafen ab.
Hij haalt zijn moeder op van het vliegveld.
02

ophalen, afhalen

Etwas an einem bestimmten Ort holen
abholen definition and meaning
example
Voorbeelden
Wir holen unsere Tickets am Schalter ab.
We halen onze kaartjes bij de balie op.
03

arresteren, aanhouden

Jemanden festnehmen
abholen definition and meaning
InformalInformal
example
Voorbeelden
Wann holen sie den Verbrecher ab?
Wanneer gaan ze de crimineel arresteren?
LanGeek
Download de App
langeek application

Download Mobile App

stars

app store