Zoeken
Selecteer de woordenboektaal
vainqueur
01
zegevierend, overwinnaar
qui a remporté une victoire
grammaticale informatie
morfologische samenstelling
enkelvoudig
kwalitatief
overtreffende trap
le plus vainqueur
vergrotende trap
plus vainqueur
gradueerbaar
mannelijk enkelvoud
vainqueur
mannelijk meervoud
vainqueurs
vrouwelijk enkelvoud
vainqueur
vrouwelijk meervoud
vainqueurs
domein
compétition, succès, victoire
Voorbeelden
L'équipe vainqueur a soulevé le trophée avec fierté.
Het winnende team hief de trofee trots op.
Le vainqueur
01
winnaar, overwinnaar
personne ou équipe qui a gagné une compétition
grammaticale informatie
bezieldheidsstatus
mens
morfologische samenstelling
samenstelling
telbaar
singular
not gender specific
geslacht
mannelijk
meervoudsvorm
vainqueurs
Voorbeelden
Le vainqueur de la course a reçu une médaille d'or.
LanGeek



























