Zoeken
Selecteer de woordenboektaal
singulier
01
individueel, enkel
qui concerne une seule personne ou chose, pris isolément
Voorbeelden
Cette victoire est le résultat d' un effort singulier.
Deze overwinning is het resultaat van een enkele inspanning.
02
vreemd, eigenaardig
qui est étonnant, étrange ou qui sort de l'ordinaire
Voorbeelden
Elle porte toujours des vêtements d' un style singulier.
Ze draagt altijd kleding van een bijzondere stijl.
03
bijzonder, uniek
qui est unique, particulier ou exceptionnel
Voorbeelden
Cet événement est singulier dans l' histoire de la ville.
Dit evenement is uniek in de geschiedenis van de stad.
04
qui désigne une seule personne, chose ou idée, par opposition à pluriel
grammaticale informatie
morfologische samenstelling
enkelvoudig
relationeel
niet gradueerbaar
mannelijk enkelvoud
singulier
mannelijk meervoud
singuliers
vrouwelijk enkelvoud
singulière
vrouwelijk meervoud
singulières
Voorbeelden
Ce pronom est utilisé uniquement au singulier.



























