Zoeken
Selecteer de woordenboektaal
La rouille
01
roest, corrosie
dépôt rougeâtre qui se forme sur le fer ou l'acier exposé à l'humidité
grammaticale informatie
bezieldheidsstatus
onbezield
morfologische samenstelling
enkelvoudig
telbaar
geslacht
vrouwelijk
Voorbeelden
La pluie a provoqué de la rouille sur la vieille clôture.
De regen veroorzaakte roest op het oude hek.
rouille
01
roestkleur, roestbruin
de couleur brun -rougeâtre semblable à celle de l'oxyde de fer
grammaticale informatie
morfologische samenstelling
enkelvoudig
kwalitatief
overtreffende trap
le plus rouille
vergrotende trap
plus rouille
gradueerbaar
mannelijk enkelvoud
rouille
mannelijk meervoud
rouille
vrouwelijk enkelvoud
rouille
vrouwelijk meervoud
rouille
Voorbeelden
J'ai choisi un fauteuil rouille pour mon bureau.
Ik heb een fauteuil in roestkleur gekozen voor mijn kantoor.



























