Zoeken
Selecteer de woordenboektaal
Le poignet
01
manchet, mouwkop
partie terminale d'une manche qui entoure le poignet
grammaticale informatie
bezieldheidsstatus
onbezield
morfologische samenstelling
enkelvoudig
telbaar
geslacht
mannelijk
meervoudsvorm
poignets
Voorbeelden
Ce manteau a des poignets en cuir ajustables.
Deze jas heeft verstelbare leren manchetten.
02
pols, polsgewricht
articulation souple reliant l'avant-bras à la main
Voorbeelden
Le médecin vérifie le pouls au niveau du poignet.
De arts controleert de pols op het niveau van de pols.



























