Zoeken
Selecteer de woordenboektaal
Le masque
01
masker, gezichtsbedekking
objet couvrant le visage, utilisé pour se déguiser , se protéger ou cacher son identité
grammaticale informatie
bezieldheidsstatus
onbezield
morfologische samenstelling
enkelvoudig
telbaar
geslacht
mannelijk
meervoudsvorm
masques
Voorbeelden
Le masque cache entièrement son visage.
Het masker verbergt zijn gezicht volledig.
02
masker, ademhalingsbescherming
dispositif médical ou de protection couvrant le nez et la bouche pour prévenir la transmission de maladies ou protéger les voies respiratoires
Voorbeelden
Le patient porte un masque pour éviter de contaminer les autres.
De patiënt draagt een masker om te voorkomen dat hij anderen besmet.
03
gezichtsmasker, huidmasker
soin appliqué sur le visage pour hydrater, purifier, nourrir ou traiter la peau, généralement laissé poser quelques minutes avant rinçage ou absorption
Voorbeelden
Elle applique un masque hydratant deux fois par semaine.
Ze brengt twee keer per week een hydraterend masker aan.



























