Zoeken
Selecteer de woordenboektaal
interrompre
01
onderbreken
couper la parole ou l'action de quelqu'un avant qu'il ait fini
grammaticale informatie
morfologische samenstelling
enkelvoudig
actiewerkwoord
hulpwerkwoord
avoir
1e persoon enkelvoud
interromps
1e persoon meervoud
interrompons
1e persoon toekomende tijd
interromprai
onvoltooid deelwoord
interrompant
voltooid deelwoord
interrompu
1e persoon meervoud imperfectum
interrompions
Voorbeelden
Il est impoli d' interrompre quelqu' un qui raconte une histoire.
Het is onbeleefd om iemand te onderbreken die een verhaal vertelt.
02
opschorten, onderbreken
être suspendu temporairement, cesser provisoirement une activité ou un service
Voorbeelden
Les cours sont interrompus pendant les vacances scolaires.
De lessen worden onderbroken tijdens de schoolvakanties.



























