Zoeken
Selecteer de woordenboektaal
Le garçon
01
jongen, knaap
enfant de sexe masculin, généralement jeune
grammaticale informatie
bezieldheidsstatus
mens
morfologische samenstelling
enkelvoudig
telbaar
geslacht
mannelijk
meervoudsvorm
garçons
Voorbeelden
Le garçon joue dans le parc.
02
zoon, jongen
enfant masculin par rapport à ses parents
Voorbeelden
Mon garçon est en première année de collège.
Mijn jongen zit in het eerste jaar van de middelbare school.
03
ober, ober
personne qui sert les clients dans un café ou un restaurant
Voorbeelden
Le garçon a pris notre commande rapidement.
De ober nam onze bestelling snel op.
04
jonge man, jongen
homme encore jeune ou au début de l'âge adulte
Voorbeelden
Ce garçon est très poli et bien élevé.
Deze jongen is erg beleefd en goed opgevoed.



























