envoyer
Pronunciation
/ɑ̃vwaje/

Definitie en betekenis van "envoyer"in het Frans

envoyer
01

versturen

faire parvenir quelque chose à quelqu'un, généralement par courrier ou un moyen de communication
envoyer definition and meaning
grammaticale informatie
morfologische samenstelling
enkelvoudig
actiewerkwoord
sterk
hulpwerkwoord
avoir
1e persoon enkelvoud
envoie
1e persoon meervoud
envoyons
1e persoon toekomende tijd
enverrai
onvoltooid deelwoord
envoyant
voltooid deelwoord
envoyé
1e persoon meervoud imperfectum
envoyions
Voorbeelden
Peux - tu envoyer ce document par courrier ?
Kun je dit document per post verzenden?
02

werpen, gooien

lancer ou projeter quelque chose dans l'espace
envoyer definition and meaning
Voorbeelden
Le joueur envoie le ballon vers le but.
De speler stuurt de bal naar het doel.
03

slikken, doorslikken

manger ou avaler rapidement quelque chose
envoyer definition and meaning
Voorbeelden
Ils se sont envoyés un repas rapide avant le match.
Zij stuurden een snelle maaltijd voor de wedstrijd.
LanGeek
Download de App
langeek application

Download Mobile App

App Store