conciliant
01
verzoenend, bemiddelend
qui cherche à établir un accord ou à éviter les conflits
Voorbeelden
Elle a fait preuve d' un esprit conciliant pendant les négociations.
Ze toonde een verzoenende geest tijdens de onderhandelingen.
02
verzoenend, vredelievend
qui favorise la paix et de bonnes relations en évitant les conflits
Voorbeelden
Un voisin conciliant rend la vie en communauté plus facile.
Een verzoenende buur maakt het gemeenschapsleven gemakkelijker.



























