Zoeken
Selecteer de woordenboektaal
L'animal
01
dier, beest
être vivant qui n'est ni un humain ni une plante
grammaticale informatie
bezieldheidsstatus
dier
morfologische samenstelling
enkelvoudig
telbaar
geslacht
mannelijk
meervoudsvorm
animaux
Voorbeelden
Le chien est un animal domestique.
De hond is een huisdier.



























