Zoeken
Selecteer de woordenboektaal
atraer
01
aantrekken
moverse hacia algo o alguien por una fuerza física o magnética
grammaticale informatie
morfologische samenstelling
frasal
bewegingswerkwoord
regelmatig
onscheidbaar
1e persoon enkelvoud
atraigo
3e persoon enkelvoud
atrae
onvoltooid deelwoord
atrayendo
onvoltooid verleden tijd
atrajo
voltooid deelwoord
atraído
Voorbeelden
El globo se atrae hacia la pared debido a la electricidad estática.
De ballon wordt aangetrokken naar de muur vanwege statische elektriciteit.
02
interesseren
provocar interés o curiosidad en alguien
Voorbeelden
Sus historias siempre atraen a los oyentes.
Zijn verhalen trekken altijd de luisteraars aan.



























