Zoeken
Selecteer de woordenboektaal
guardar
01
opslaan
conservar información
grammaticale informatie
morfologische samenstelling
enkelvoudig
actiewerkwoord
regelmatig
1e persoon enkelvoud
guardo
3e persoon enkelvoud
guarda
onvoltooid deelwoord
guardando
onvoltooid verleden tijd
guardé
voltooid deelwoord
guardado
Voorbeelden
Ella guarda sus fotos en la nube.
Ze bewaart haar foto's in de cloud.
02
opbergen, wegleggen
colocar algo en un lugar adecuado para orden o cuidado
Voorbeelden
Guarda la ropa limpia en el armario.
Berg de schone kleren op in de kast.
03
bewaren, reserveren
reservar o apartar algo para uso futuro
Voorbeelden
Guarda este asiento para mí.
Bewaar deze stoel voor mij.
04
bewaren
conservar algo en buen estado para que dure más tiempo
Voorbeelden
Guardó las fotos antiguas en un álbum.
De oude foto's in een album bewaren.



























