Zoeken
Selecteer de woordenboektaal
El hueso
01
bot, bot
parte dura y blanca que forma el esqueleto de los vertebrados
grammaticale informatie
bezieldheidsstatus
onbezield
morfologische samenstelling
enkelvoudig
telbaar
geslacht
mannelijk
meervoudsvorm
huesos
Voorbeelden
Me rompí un hueso del brazo.
Ik heb een bot in mijn arm gebroken.
02
pit, pit
parte dura y central de algunas frutas que contiene la semilla
Voorbeelden
El melocotón tiene un hueso grande.
De perzik heeft een grote pit.



























