Zoeken
Selecteer de woordenboektaal
ironic
01
ironisch, satirisch
using statements that mean the opposite of what is stated, often to convey criticism or humor through an implied second meaning
grammaticale informatie
morfologische samenstelling
enkelvoudig
kwalitatief
overtreffende trap
most ironic
vergrotende trap
more ironic
gradueerbaar
Voorbeelden
Her ironic criticism of inconsistencies showed a deep understanding of the issues at play.
Haar ironische kritiek op inconsistenties toonde een diep begrip van de problemen die spelen.
02
ironisch, paradoxaal
marked by a striking or often painful contrast between expectation and reality
Voorbeelden
He died saving the person who had betrayed him — an ironic fate.
Hij stierf terwijl hij de persoon redde die hem had verraden—een ironisch lot.
Lexicale Boom
ironic
iron



























