Zoeken
Selecteer de woordenboektaal
Dragon
01
draak, dragon
a fictional, large winged animal with a long tail that is usually able to breathe fire
grammaticale informatie
bezieldheidsstatus
dier
morfologische samenstelling
enkelvoudig
telbaar
meervoudsvorm
dragons
Voorbeelden
The dragon soared through the sky, its wings spreading wide.
De draak steeg door de lucht, zijn vleugels wijd gespreid.
02
heks, furia
a fierce, domineering, or bad-tempered woman
beledigend
Voorbeelden
The neighbors whispered about the dragon on the corner.
De buren fluisterden over de draak op de hoek.
03
vliegende draak, vliegende hagedis
a small tropical Asian lizard that glides by extending skin membranes along its sides
Voorbeelden
The biologist observed a dragon gliding between trees.
De bioloog observeerde een draak die tussen de bomen gleed.
04
de Draak, Draco
a faint northern constellation situated between Ursa Major and Cepheus
Voorbeelden
Students located Dragon using Ursa Major as a guide.
De studenten vonden de Draak met behulp van de Grote Beer als gids.



























