Zoeken
Selecteer de woordenboektaal
dress-down
01
ontspannen, informeel
describing a more casual style of clothing, typically in a situation where formal attire is usually expected
Voorbeelden
The office had a dress-down Friday, allowing employees to wear jeans.
Het kantoor had een casual vrijdag, waardoor medewerkers jeans mochten dragen.
She chose a dress-down outfit for the casual team meeting.
Ze koos een casual outfit voor de informele teamvergadering.



























