Zoeken
Selecteer de woordenboektaal
to win round
01
overtuigen, overhalen
to persuade someone to agree with or support one's viewpoint
Transitive
grammaticale informatie
morfologische samenstelling
frasal
actiewerkwoord
regelmatig
scheidbaar
partikel
round
basiswerkwoord
win
tegenwoordige tijd
win round
3e persoon enkelvoud
wins round
onvoltooid deelwoord
winning round
onvoltooid verleden tijd
won round
voltooid deelwoord
won round
Voorbeelden
She wasn't keen on trying the new restaurant, but the positive reviews won her round.
Ze was niet erg enthousiast over het uitproberen van het nieuwe restaurant, maar de positieve recensies overtuigden haar.



























