Zoeken
Selecteer de woordenboektaal
to succeed
01
slagen, succes hebben
to reach or achieve what one desired or tried for
Intransitive: to succeed in sth
grammaticale informatie
morfologische samenstelling
enkelvoudig
actiewerkwoord
regelmatig
tegenwoordige tijd
succeed
3e persoon enkelvoud
succeeds
onvoltooid deelwoord
succeeding
onvoltooid verleden tijd
succeeded
voltooid deelwoord
succeeded
Voorbeelden
Through persistent effort and dedication, she succeeded in securing a promotion at her job.
Door aanhoudende inspanning en toewijding, slaagde ze erin een promotie op haar werk te verkrijgen.
02
opvolgen, erven
to take over a position, title, or property as the rightful heir or successor
Intransitive: to succeed | to succeed to a right or title
Voorbeelden
Upon the king's death, his eldest son succeeded to the throne.
Na de dood van de koning volgde zijn oudste zoon hem op de troon op.
Lexicale Boom
succeeder
succeeding
succeed



























