spit out
spit
spɪt
spit
out
aʊt
awt
/spˈɪt ˈaʊt/

Definitie en betekenis van "spit out"in het Engels

to spit out
01

uitspugen, uitbraken

spit up in an explosive manner
grammaticale informatie
morfologische samenstelling
frasal
actiewerkwoord
regelmatig
scheidbaar
partikel
out
basiswerkwoord
spit
tegenwoordige tijd
spit out
3e persoon enkelvoud
spits out
onvoltooid deelwoord
spitting out
onvoltooid verleden tijd
spat out
voltooid deelwoord
spat out
02

uitspugen, met minachting zeggen

utter with anger or contempt
03

uitspugen, uitbraken

to forcefully push out something from the mouth using the throat muscles and lips
LanGeek
Download de App
langeek application

Download Mobile App

App Store