monolingual
mo
mɑ:
maa
no
noʊ
now
ling
lɪng
ling
ual
wəl
vēl
British pronunciation
/mˈɒnəʊlˌɪŋɡwəl/

Definitie en betekenis van "monolingual"in het Engels

01

eentalig, monolinguaal

a person who speaks or is fluent in only one language
example
Voorbeelden
Being a monolingual in a multilingual city can sometimes be a challenge.
Eentalig zijn in een meertalige stad kan soms een uitdaging zijn.
01

eentalig, monolinguaal

relating to or characteristic of the use or understanding of a single language
example
Voorbeelden
The monolingual nature of the community made it challenging for immigrants to integrate and communicate effectively.
Het eentalige karakter van de gemeenschap maakte het moeilijk voor immigranten om zich te integreren en effectief te communiceren.
LanGeek
Download de App
langeek application

Download Mobile App

stars

app store