Zoeken
Selecteer de woordenboektaal
Monolingual
01
eentalig, monolinguaal
a person who speaks or is fluent in only one language
Voorbeelden
Being a monolingual in a multilingual city can sometimes be a challenge.
Eentalig zijn in een meertalige stad kan soms een uitdaging zijn.
monolingual
01
eentalig, monolinguaal
relating to or characteristic of the use or understanding of a single language
Voorbeelden
The monolingual nature of the community made it challenging for immigrants to integrate and communicate effectively.
Het eentalige karakter van de gemeenschap maakte het moeilijk voor immigranten om zich te integreren en effectief te communiceren.
Lexicale Boom
monolingual
lingual



























