stricken
Pronunciation
/ˈʃtʀɪkn̩/

Definitie en betekenis van "stricken"in het Duits

stricken
01

breien

Mit Wolle und Nadeln Maschen herstellen, also Kleidung oder andere Dinge durch das Verweben von Garn machen
stricken definition and meaning
grammaticale informatie
morfologische samenstelling
enkelvoudig
actiewerkwoord
regelmatig
hulpwerkwoord
haben
1e persoon enkelvoud
stricke
3e persoon enkelvoud
strickt
onvoltooid deelwoord
strickend
onvoltooid verleden tijd
strickte
voltooid deelwoord
gestrickt
Voorbeelden
Sie strickt seit Jahren und ist sehr gut darin.
Ze breit al jaren en is er erg goed in.
LanGeek
Download de App
langeek application

Download Mobile App

App Store