riechen
Pronunciation
/ˈʀiːçən/

Definitie en betekenis van "riechen"in het Duits

riechen
01

ruiken

Mit der Nase einen Geruch wahrnehmen
riechen definition and meaning
grammaticale informatie
morfologische samenstelling
enkelvoudig
actiewerkwoord
onregelmatig
hulpwerkwoord
haben
1e persoon enkelvoud
rieche
3e persoon enkelvoud
riecht
onvoltooid deelwoord
riechend
onvoltooid verleden tijd
roch
voltooid deelwoord
gerochen
Voorbeelden
Der Hund riecht am Essen.
De hond ruikt het eten.
02

ruiken, een bepaalde geur verspreiden

Einen bestimmten Geruch verbreiten
riechen definition and meaning
Voorbeelden
Hier riecht es nach Blumen.
Hier ruikt het naar bloemen.
LanGeek
Download de App
langeek application

Download Mobile App

App Store