Zoeken
Selecteer de woordenboektaal
Die Pfanne
01
koekenpan, braadpan
Ein flaches, typischerweise rundes Kochgeschirr mit niedrigem Rand zum Braten, Schmoren oder Backen
grammaticale informatie
bezieldheidsstatus
onbezield
morfologische samenstelling
enkelvoudig
telbaar
geslacht
vrouwelijk
genitiefvorm
Pfanne
meervoudsvorm
Pfannen
Voorbeelden
Er schwenkte die Pfanne, um das Gemüse zu wenden.
Hij schudde de koekenpan om de groenten om te draaien.
02
gewrichtspan, heupkom
Die gelenkige Vertiefung im Knochen, die den Gelenkkopf aufnimmt
Voorbeelden
Die Hüftpfanne war im Röntgenbild sichtbar.
De acetabulum was zichtbaar op de röntgenfoto.



























