Zoeken
Selecteer de woordenboektaal
Das Kostüm
01
kostuum, verkleedkleding
Ein spezielles Kleidungsstück, das man zu Festen, Theater oder Karneval trägt
grammaticale informatie
bezieldheidsstatus
onbezield
morfologische samenstelling
enkelvoudig
telbaar
geslacht
onzijdig
genitiefvorm
Kostüm(e)s
meervoudsvorm
Kostüme
Voorbeelden
Zu Halloween trägt sie ein Hexen-Kostüm.
Met Halloween draagt ze een heksenkostuum.



























