Zoeken
Selecteer de woordenboektaal
konsumieren
[past form: konsumierte]
01
consumeren, innemen
Etwas verwenden oder zu sich nehmen, oft in Bezug auf Lebensmittel, Getränke oder Medien
grammaticale informatie
morfologische samenstelling
afgeleid
actiewerkwoord
regelmatig
hulpwerkwoord
haben
1e persoon enkelvoud
konsumiere
3e persoon enkelvoud
konsumiert
onvoltooid deelwoord
konsumierend
onvoltooid verleden tijd
konsumierte
voltooid deelwoord
konsumiert
Voorbeelden
Jugendliche konsumieren oft viel digitale Medien.
Jongeren consumeren vaak veel digitale media.



























