Zoeken
Selecteer de woordenboektaal
differenzieren
[past form: differenzierte]
01
differentiëren, onderscheiden
Unterschiede erkennen, trennen oder gezielt behandeln
grammaticale informatie
morfologische samenstelling
afgeleid
actiewerkwoord
regelmatig
hulpwerkwoord
haben
1e persoon enkelvoud
differenziere
3e persoon enkelvoud
differenziert
onvoltooid deelwoord
differenzierend
onvoltooid verleden tijd
differenzierte
voltooid deelwoord
differenziert
Voorbeelden
Der Lehrer differenzierte die Aufgaben nach Schwierigkeitsgrad.
De leraar differentieerde de taken naar moeilijkheidsgraad.



























