Zoeken
Selecteer de woordenboektaal
to get to
[phrase form: get]
01
raken, ontroeren
to affect someone emotionally, particularly by making them feel frustrated, angry, or upset
grammaticale informatie
morfologische samenstelling
frasal
actiewerkwoord
regelmatig
onscheidbaar
partikel
to
basiswerkwoord
get
tegenwoordige tijd
get to
3e persoon enkelvoud
gets to
onvoltooid deelwoord
getting to
onvoltooid verleden tijd
got to
voltooid deelwoord
gotten to
Voorbeelden
Do n't let negative comments get to you; stay focused on your goals.
Laat negatieve opmerkingen je niet raken; blijf gefocust op je doelen.
02
zich bezighouden met, toekomen aan
to handle a task when the appropriate time comes
Voorbeelden
We have a few issues to discuss, and we 'll get to them during the team meeting.
We hebben een paar problemen om te bespreken, en we zullen ze tijdens het teamoverleg behandelen.



























