Zoeken
Selecteer de woordenboektaal
to come together
01
samenkomen, zich verenigen
(of people) to form a united group
Intransitive
Voorbeelden
People from all walks of life came together in the park to celebrate the festival.
Mensen uit alle lagen van de bevolking kwamen samen in het park om het festival te vieren.
02
samenkomen, samen aankomen
to arrive at a destination with someone after having traveled there together
Intransitive: to come together somewhere
Voorbeelden
The group of friends decided to hike together and came together at the mountain peak.
De groep vrienden besloot samen te gaan wandelen en kwam samen op de bergtop.



























